Auteurscinema

Marc Wagenaar - Regisseur

Jean-Luc Godard. Deze naam bleef door mijn hoofd dwalen. Aansluitend introduceerde ik mezelf aan François Truffaut, Claude Chabrol, Eric Rohmer en Jacques Rivette, de grondleggers van de auteurscinema. Waar deze introductie eenzijdig was, fascineerde ze me enorm. Zij waren in mijn ogen de ware kunstenaars van het bewegende beeld. Kunstenaars die geen compromissen sloten. Kunstenaars die vanuit het hart films maakten. Iets wat puur uit henzelf kwam zonder dat er een externe schrijver aan te pas was gekomen. Zij waren zelf de schrijvers, zij waren zelf de regisseurs. Zoals Michael Haneke decennia later in ‘The Paris Review’ zou zeggen: “In Frankrijk hebben ze dit prachtige woord, auteur, als verwijzing naar filmmakers die verantwoordelijk zijn voor de inhoud van hun eigen films. Ik ben nooit geïnteresseerd geweest in het regisseren van het werk van anderen”.

Verhalen verzon ik iedere dag, zelden schreef ik ze op. Dit veranderde gedurende mijn eerste grote verliefdheid. Ik kon mijn pen haast niet loslaten. Zo kwam mijn eerste Amsterdamse misdaad-komedie van de hand. Een volwaardig scenario. Volwaardig in paginalengte, niet qua inhoud. Dit laatste had nog enige training nodig.

Steeds meer verhalen vonden hun weg naar het witte vel. Door het zien van de filmposter ‘Blow-up’ van Antonioni (ook een auteurs regisseur) ontstond mijn eerste korte film ‘Holy Bird’. Het gegeven van de poster waar de fotograaf op de middel van een vrouw zit, fascineerde me dusdanig dat het het eindshot van mijn eigen eerste film werd. Daarin eindigt een balletdanseres op de buik van een eenzame schrijver, terwijl een fotograaf gelijktijdig een foto probeert te maken. 

marc_blog.png
marcblog_w2.png

Nadat mijn eerste korte film (die uitpuilde van de symboliek en waar de helft van weggesneden moest worden) een feit was, gaf het mij een vertrouwen in de zin dat ‘alles mogelijk was’. ‘Alles was mogelijk’ wanneer ik naderhand met alle eerlijkheid kon zeggen dat ik er ‘echt alles’ aan gedaan had om het te laten slagen. Gedurende het gehele proces gaven deze gedachten mij een grenzeloos vertrouwen. Wanneer ik faalde zou ik er vrede mee kunnen hebben omdat ik er simpelweg alles aan gedaan had. En uiteindelijk leer je meeste door het maken van fouten, niet? Hiermee hangt nauw samen dat alleen een verhaal dat van diep komt een weg als deze kan vinden. Hiervoor zou ik alles doen. Omdat er een kloppend hart is.

Vervolgens ontstond ‘The Eggman’ wat voortkwam uit mijn frustraties van het ‘Holy Bird’ maakproces. Ik wilde een film maken die zich afspeelde in één ruimte, zonder dialoog. Ik was van mening dat in ‘Holy Bird’ teveel gesproken werd en ik had geen cent over na het woonwagen avontuur. Illegaal een woonwagen vanuit Noord-Duitsland naar de Berlijnse bossen laten verplaatsen kost nou eenmaal geld. Deze film bracht mij naar de Nederlandse Filmacademie.

Turbulente jaren vlogen voorbij. En van hoeveel geluk kan iemand spreken bij het horen van het geweldige nieuws dat ik tijdens mijn derde en vierde jaars film zelf mocht gaan schrijven. Dat wil toch iedere filmmaker? Ik wist, hier ligt mijn kracht. Niet in de zin dat ik een geweldig schrijver ben, evenmin bezit ik de vaardigheden van een geleerd scenarist. De kracht zit hem in het feit dat het een persoonlijk verhaal betreft. Iets wat er uit moet en wat alleen ik naar het scherm kan vertalen. Ik en niemand anders. Of ik slaagde of niet was minder belang omdat ik wist dat ik er alles aan zou doen. Risico’s nemen was hier een groot onderdeel van.

Voordat ik te hoog van de toren blaas, een goede script-editor is in mijn geval van cruciaal belang!

Genoeg gezegd hebbende wil ik afsluiten met het gegeven dat onze afstudeerfilm zal openen met een ode aan de Franse vaders van de auteurscinema. Het is haast een contradictie wanneer ik zeg dat deze opening geïnspireerd is op een film die als de ‘meest Hollywood film’ uit het oeuvre van Godard gezien kan worden. Afijn, ik werd compleet betoverd.